'Potentieel automatisering onderschat'

0
257

Het potentieel van geautomatiseerde oplossingen voor ponsen, lasersnijden en buigen wordt in de plaatbewerking nog steeds onderschat. Veel bedrijven kunnen hiermee niet alleen hun concurrentiekracht vergroten, maar ook het dreigende gebrek aan vakmensen opvangen.”

Dat zegt Mathias Kammüller. Hij is directeur van de afdeling werktuigmachines/elektrogereedschappen van Trumpf, dat op de Blechexpo in Stuttgart het accent zal leggen op automatisering.  De Duitse machinebouwer en laserspecialist zal een geautomatiseerde procesketen van ponsen of lasersnijden, via het buigen en lassen tot aan het markeren demonstreren . De machines in deze keten communiceren daarbij voortdurend met elkaar en met hun gebruiker. Dat doen ze met de TruTops Fab software voor productiebesturing, die de complete productie met elkaar verbindt. Meer transparantie
“Zo’n systeem zal binnenkort in de meeste bedrijven niet meer weg te denken zijn”, is de stellige overtuiging van Kammüller. “Want het bespaart tijd, optimaliseert de procesketen en vergroot de transparantie aanzienlijk.”
Met een blik op de monitor ziet de voor de productie verantwoordelijke medewerker welke orders er zijn en in welk stadium deze zich bevinden. Zo kan het volledige verloop van de opdracht vanaf de offerte tot en met de verzendpapieren worden bewaakt en kunnen alle verschillende stadia aan elkaar worden gelinkt. TruTops Fab biedt daarbij als navigatiesysteem een volledig overzicht van de calculatie via de productie en het magazijn  tot en met het opmaken van de rekening. De modulaire opbouw maakt het mogelijk de omvang van het systeem in overeenstemming te brengen met de eigen specifieke wensen van elke gebruiker.
 
Zuinig ponsen
Een tweede centraal thema van de Trumpf-presentatie in Stuttgart is materiaal-efficiency. Een goed voorbeeld hier van is de ponsmachine TruPunch 3000, die Trumpf vorig jaar reeds op de Euroblech in Hannover presenteerde. De plaat wordt hier tot aan de rand met goede onderdelen uitgelegd en met gemeenschappelijke ponsbewegingen gescheiden, in plaats van – zoals tot dusverre – een L-vormige rand over te laten. Dit verhoogt het aantal onderdelen dat uit een plaat kan worden gehaald met gemiddeld 10 procent. De machine bewerkt de plaat rij voor rij, ponst dus parallel goede onderdelen en afvaldelen en sluist deze met behulp van een wissel direct gesorteerd uit. Indien nodig kan de mono-ponskop het onderdeel naar de onderdelenklep draaien en proceszeker laten vallen. Kammüller:  “Op deze wijze wordt ook het complete restmateriaal uitgesluisd, zodat op het eind werkelijk niets meer overblijft van de plaat. Deze bewerkingsstrategie is de grootst mogelijke besparingshefboom bij het ponsen, want het materiaal bepaalt bijna driekwart deel van de kosten per onderdeel.”

]]>