Plaatverwerkers NEVAT gaan Chinese opmars met eigen ogen bekijken
De jaarlijkse studiereis van NEVAT GPI (Groep Plaatverwerkende Industrie) gaat dit jaar naar China. Hoe zeer het onderwerp ‘China’ leeft, blijkt uit de recorddeelname van 32 personen. Van 11 tot en met 19 april gaan zij met eigen ogen bekijken welke ontwikkelingen momenteel plaatsvinden in de Chinese maakindustrie en werktuigmachinebouw.
Gaan humanoïde robots weldra in Nederlandse plaatwerkbedrijven aan het werk? Het NEVAT-gezelschap gaat bij de Chinese fabrikant UBtech kijken wat deze robots al kunnen.
Steeds meer werktuigmachines van Chinees fabricaat vinden hun weg naar Europa. Op TechniShow in Utrecht was in maart te zien dat in China geproduceerde vlakbedlasers en buis- en profiellasers hun positie opeisen. Ook cijfers die vorige maand door de VDW (de Duitse branchevereniging voor de werktuigmachine-industrie) naar buiten werden gebracht, wijzen op een onmiskenbare ontwikkeling: China heeft in 2025 Duitsland ingehaald als grootste exporteur van werktuigmachines ter wereld. Industrie-specialist Edwin Dekker van NEVAT, organisator van de studiereis: “We zien ook Nederlandse bedrijven steeds vaker investeren in Chinese merken. We willen zien hoe dit in elkaar zit en wat daar in China gebeurt.”
Lange, intensieve reis
Het wordt een lange, intensieve reis. Het NEVAT-gezelschap landt in Beijing. Daar wordt een bezoek gebracht aan de Chinese Muur en is een ontvangst in de ambtswoning van de Nederlandse ambassadeur. Vervolgens zakt het gezelschap af naar het meer dan 1000 kilometer zuidelijker gelegen Shanghai, waar de trip wordt afgesloten met een ontvangst op het Nederlands consulaat-generaal.
Ondertussen staan maar liefst zeventien ‘business points’ op het programma. Zo worden diverse machinefabrikanten bezocht die in Nederland al voet aan de grond hebben gekregen. Het Dream Park van Bodor wordt aangedaan, evenals de afgelopen najaar geopende Smart Factory van Accurl en een vestiging van HSG Laser. Ook worden twee Chinese fabrieken bezocht waar machines van Penta Laser staan te snijden. Verder worden de vestigingen van VDL ETG en Keytec in Suzhou bezocht.

Op het programma staat onder andere een bezoek aan de afgelopen najaar geopende Smart Factory van Accurl.
Humanoïde robots
Ook op het programma staan bezoeken aan Xiaomi, waar volautomatisch auto’s worden geproduceerd, en aan UBtech, dé Chinese topfabrikant van humanoïd robots. Janwillem Verschuuren, mede-eigenaar van De Cromvoirtse en voorzitter van de NEVAT, is vooral daar erg benieuwd naar. Twee jaar geleden bezochten de NEVAT GPI-leden Boston Dynamics in de Verenigde Staten, dat ook humanoïds op de markt brengt.
Destijds was de gedachte dat het nog wel een flink aantal jaren zou duren voordat humanoïds in een industriële productie-omgeving in Nederland ingezet gaan worden. Maar die verwachting is flink naar beneden toe bijgesteld. “De geluiden uit China zijn dat een humanoïde robot nu al 50 procent van de menselijke taken aan kan. Dat percentage gaat natuurlijk steeds verder omhoog. Ik denk dat we binnen 2 tot 4 jaar een humanoïd bij De Cromvoirtse zullen zien”, zegt Verschuuren, die al nadenkt over de vraag hoe de introductie daarvan goed kan worden voorbereid.
‘Kunnen we vrienden zijn’
Jessica van Schijndel, directeur/eigenaar van Van Schijndel Metaal, is ook nieuwgierig naar China. Zij trekt de vergelijking met het Oostblok, een flink aantal jaren geleden. “Er verdween toen productie naar Oost-Europa. Maar daarbij hoorde je verhalen dat de arbeidsomstandigheden daar abominabel waren en dat de fabrieken ver achter liepen bij ons. Maar dat was niet waar. Ik zag daar dezelfde lasrobots aan het werk als bij ons. Nu wil ik ook zelf zien wat er in China gebeurt. Wat is de vibe, de sfeer, de cultuur? Ik kan me voorstellen dat ze in Azië erg geloven in vooruitgang.
Welke machines zijn er, hoe worden we ontvangen? Gezien de huidige ontwikkelingen in Amerika en de opkomst van China is voor mij ook een vraag: kunnen wij vrienden zijn?” Van Schijndel wil ook kijken of een Chinese machine wat voor Van Schijndel is. “Voor onze corebusiness wil ik Europese A-merken houden. Onze medewerkers appreciëren dat en dat is een belangrijk aspect. Maar voor randapparatuur ligt dat anders. Aan inpersmachines is hier bijvoorbeeld niet aan te komen. Daar ga ik zeker naar kijken.”
Duitse auto-industrie
Remco Koolmees, CEO van Koolmees Metal Group en sinds vorig jaar voorzitter van NEVAT GPI, kijkt ook uit naar de studiereis. “Je kunt geen krant openslaan of het gaat over Chinezen die de markt veroveren. We moeten ervoor waken dat we hier een tweede Duitse auto-industrie worden. Je kunt Chinese machines niet meer weglachen en volhouden dat het allemaal rotzooi is. Steeds meer metaalbedrijven schaffen een Chinese machine aan. Dat dwingt ons als toeleveranciers om continu ons eigen bedrijfsmodel aan te passen.
De veranderingen zijn hard gegaan en zullen de komende jaren nog harder gaan. Daarom wil ik zien: wat gebeurt daar in China, wat is de impact op ons en hoe gaan we daar mee om. Hoe zit het met thema’s als machineveiligheid en dataveiligheid. Daar wil ik alles van weten.”