Principeakkoord cao Metalektro

0
952

Werkgevers en vakbonden hebben vandaag een principeakkoord bereikt over een nieuwe cao Metalektro (grootmetaal) voor ondernemingen in de technologische industrie. Er is een looptijd van 22 maanden afgesproken voor de nieuwe cao: van 1 juli 2013 tot 1 mei 2015. De lonen worden verhoogd: per 1 december 2013 met 2,35%, per 1 augustus 2014 met 1,5% en per 1 januari 2015 met 0,35%.

Om de aantrekkingskracht van de sector voor jongeren verder te verhogen, krijgen zij er per 1 januari 2015 nog eens 3% extra bij. Bedrijven die in zwaar weer verkeren kunnen met de vakbonden afwijkende afspraken maken. Nieuw is dat de cao-loonstijging niet zal gelden voor medewerkers met een jaarsalaris (inclusief vakantietoeslag) van 90.000 euro of meer.

FME-voorzitter en hoofd van de werkgeversdelegatie, Ineke Dezentjé Hamming, noemt het akkoord cruciaal voor de concurrentiekracht van de bedrijven en dus voor groei. Volgens haar is met dit akkoord een stap gezet op weg naar modernisering van de cao. “Flexibiliteit is voor werkgevers van wezenlijk belang. Dat was dan ook een van onze speerpunten in de onderhandelingen. Want onze bedrijven kunnen alleen overleven als ze snel en soepel kunnen inspelen op de sterk wisselende vraag van de klant. Juist in zo’n sterk fluctuerende markt is zekerheid nodig over loonkosten en arbeidsvoorwaarden.” Het akkoord biedt werkgevers betere mogelijkheden tot maatwerk. Zo kunnen zij meer bedrijfstijd creëren door het flexibel inzetten van adv-uren. Het aantal terug te kopen adv-uren is verhoogd naar negen dagen per jaar. Medewerkers behouden de keuze tussen tijd en geld.

Dezentjé benadrukt dat werkgevers hart hebben voor hun medewerkers en zuinig zijn op hun mensen. “Zij realiseren zich dat het ‘menselijk kapitaal’ bepalend is voor het succes van het bedrijf. Werkgevers blijven dan ook investeren in hun medewerkers. Dat blijkt wel uit dit principeakkoord.”

Sectorplan
Werkgevers en vakbonden hebben ook afspraken gemaakt over versterking van de sector, onder meer door het gezamenlijk opstellen van een sectorplan in het kader van het Techniekpact. In dat sectorplan worden afspraken gemaakt over scholing, leerwerkplekken en stageplaatsen. In het sectorplan worden ook afspraken vastgelegd over hoe vakmensen voor de techniek te behouden en de duurzame inzetbaarheid van medewerkers te verbeteren. Bovendien komen er zogeheten Servicepunten Techniek, om technici die hun werk (dreigen te) verliezen te helpen bij het vinden van ander werk.

Concurrentiekracht
De FME-voorzitter hamert er op dat de technologische industrie cruciaal is voor de verdienkracht van dit land. Dezentjé: “De sector is sterk internationaal georiënteerd; zo’n zestig procent van de omzet komt uit export. Na jaren van crisis is duidelijk geworden dat ondernemingen zich structureel moeten instellen op steeds snellere ontwikkelingen in technologie, veranderende marktomstandigheden en fors toegenomen fluctuaties in economische activiteit. Door innovatie, op tijd en alert inspelen op nieuwe ontwikkelingen, kostenbeheersing en goed opgeleide medewerkers kunnen ondernemingen in Nederland zich blijven meten met de concurrentie op de wereldmarkt. Willen we de werkgelegenheid en welvaart in ons land behouden, dan mag de concurrentiepositie van deze bedrijven niet worden verzwakt. Met deze nieuwe cao – zowel FME als de bonden leggen het akkoord voor aan hun achterbannen – zetten we er samen de schouders onder.”