Spinner presenteert uitbreiding TTS-serie op AMB
Spinner breidt de TTS-serie uit met de nieuwe TTS36 en TTS52. Beide simultane draaimachines worden op de AMB in Stuttgart voor het eerst gepresenteerd. De modellen zijn ontwikkeld voor de bewerking van stafmateriaal tot respectievelijk 36 en 52 mm en combineren twee revolverkoppen, twee motorspindels en een Y-as in een machine van ongeveer 2,4 meter lang.
Met de TTS36 en TTS52 breidt Spinner de TTS-serie uit met twee simultane draaimachines voor stafdiameters tot respectievelijk 36 en 52 mm.
Met de twee nieuwe modellen richt Spinner zich op bedrijven die complexe draaiwerkstukken in één opspanning en met korte cyclustijden willen produceren. De TTS36 en TTS52 zijn opgebouwd rond twee revolverkoppen met elk twaalf BMT45-gereedschapsstations. Beide revolverkoppen kunnen onafhankelijk van elkaar worden aangestuurd via een tweekanaalsbesturing. Daardoor kunnen verschillende bewerkingen gelijktijdig op de hoofd- en subspil worden uitgevoerd. De opzet maakt het mogelijk om bijvoorbeeld tijdens een bewerking aan de hoofdspil al vervolgoperaties aan de subspil uit te voeren. Daarmee kan een groter deel van het proces parallel verlopen. Vooral bij serieproductie en werkstukken met meerdere draai- en freesbewerkingen kan dat bijdragen aan kortere cyclustijden.
De hoofdspil, subspil en aangedreven gereedschappen bereiken toerentallen tot 10.000 min-1. Beide machines beschikken standaard over een Y-as, waardoor ook excentrische frees- en boorbewerkingen binnen het bereik van de machine vallen.
Compact machineconcept
Een belangrijk uitgangspunt bij de ontwikkeling van de TTS36 en TTS52 is het beperkte vloeroppervlak. De machines hebben een lengte van ongeveer 2,4 meter. Het machinebed is onder een hoek van 90 graden geplaatst. Die constructie moet zorgen voor een vrije spaanafvoer en tegelijkertijd de toegankelijkheid van de werkruimte behouden voor procescontrole en gereedschapswisselingen. De subspil kan in dwarsrichting worden verplaatst. Daarmee is deze niet alleen bedoeld voor het overnemen van werkstukken uit de hoofdspil. De constructie maakt ook de bewerking van excentrische geometrieën mogelijk. Daarnaast kan de subspil als losse kop worden ingezet.
Het verschil tussen beide modellen zit met name in de stafdoorlaat. De TTS36 is geschikt voor stafmateriaal tot 36 mm, terwijl de TTS52 een capaciteit tot 52 mm biedt. Naast stafwerk kunnen ook klauwplaatdelen met een diameter tot ongeveer 200 mm worden bewerkt. Daarmee zijn de machines inzetbaar voor uiteenlopende producten waarbij complete bewerking in één machine gewenst is.

De TTS36 en TTS52 beschikken over twee revolverkoppen, twee motorspindels en een Y-as en kunnen optioneel worden uitgerust met een geïntegreerde zesassige robot.
Automatisering geïntegreerd
Voor geautomatiseerde productie kunnen de TTS36 en TTS52 worden voorzien van een zesassige robot die direct in de machine wordt geïntegreerd. De robot verzorgt het laden en lossen van werkstukken zonder dat daarvoor een afzonderlijke automatiseringscel naast de machine nodig is. Die integratie sluit aan bij het compacte ontwerp van de serie. Door machine en werkstukhandling binnen één concept onder te brengen, kan de benodigde vloeroppervlakte beperkt blijven. De automatisering is vooral bedoeld voor repeterende productie, waarbij een constante werkstuktoevoer en zo kort mogelijke stilstand tussen twee cycli belangrijk zijn.
Spinner levert de nieuwe modellen met besturingen van Siemens of Fanuc. De machines beleven hun wereldpremière tijdens AMB 2026 in Stuttgart.