Staalprijzen verder omhoog

0

De opwaartse prijsontwikkeling in de staalprijzen die vorige maand door Noviostaal werd gemeld, heeft zich in januari voortgezet. Drie grote staalfabrieken kondigden aan de basisprijs voor warmgewalste coils per direct te willen verhogen naar €480 tot 500 per ton.

De reden dat de staalmakers deze verhoging willen doorvoeren is vooral omdat in december 2019 en begin januari de importprijzen sterk gestegen zijn, zo meldt Noviostaal in het Staaljournaal. Staal is op de wereldmarkt fors duurder geworden, veroorzaakt door hogere schrootprijzen en hogere energiekosten, waarbij de recente prijsstijgingen binnen de EU nog achterlopen op die in de rest van de wereld.

Ook meldt het Staaljournaal dat de beperkingen in de productiecapaciteiten die diverse fabrieken binnen de EU hebben doorgevoerd, en die bedoeld waren om vraag en aanbod op de Europese markt meer in evenwicht te gaan brengen, kennelijk effect gaan hebben. De levertijden voor materiaal uit nieuwproductie zijn immers behoorlijk opgelopen, wat een aantal inkopers onrustig gemaakt heeft. De vraag die Noviostaal zichzelf stelt is of deze drastische verhoging stand zal blijven houden dan wel dat de markt bereid zal zijn dergelijke basisprijzen wil accepteren. Veel zal daarbij afhangen of er een herstel in de automobielsector zal gaan plaatsvinden. De materiaalbehoefte in die sector is in het afgelopen jaar behoorlijk teruggelopen als gevolg van stagnerende verkopen mede veroorzaakt door het alom bekende dieselprobleem. Maar ook de omschakeling naar elektrisch rijden heeft nog steeds niet een dergelijke omvang bereikt, dat er weer volop geproduceerd kan gaan worden. Bovendien hangt nog steeds de dreiging van Amerikaanse invoerheffingen op Europese auto’s boven de markt. Andere staalverwerkende branches merken om uiteenlopende redenen langzamerhand eveneens stagnatie wat ook daar geleid heeft tot een lager staalverbruik. Is er dan sprake van een recessie of een naderende? Veel deskundigen menen van niet, maar zijn wel van mening dat de uitbundige economische groei, zoals we die de laatste jaren hebben gekend, vooralsnog voorbij is. Dat heeft ertoe geleid, dat diverse staalmakers recentelijk plannen hebben ontwikkeld om hun organisatie af te gaan slanken om daarmee kostenreducties te realiseren. Liberty Steel maakte onlangs bekend 355 banen te gaan schrappen bij 2 vestigingen in het Verenigd Koninkrijk.

Tata Steel heeft in november 2019 bericht binnen de Europese tak het aantal medewerkers met 3.000 te willen laten afnemen. In Nederland is Tata inmiddels tot het besluit gekomen de sanering tot eind volgend jaar uit te willen stellen, maar in Engeland wil het concern toch circa 1.000 werknemers laten afvloeien en daarnaast nog eens 350 banen elders in Europa afbouwen. ArcelorMittal is voornemens komend voorjaar een aantal productie-eenheden in Spanje tijdelijk stil te leggen, waarbij personeel tijdelijk dan wel definitief naar huis gestuurd zal gaan worden. In het Verenigd Koninkrijk zal mogelijk British Steel overgenomen worden door de Chinese staalfabriek Jingye, waarbij naar verwachting eveneens een aantal banen zal gaan vervallen. Dan is er voor de Italiaanse regering en ArcelorMittal samen nog het hoofdpijndossier ILVA in Taranto, waar enkele duizenden banen op het spel staan. Ook wordt er door diverse fabrieken weer naar een verdere consolidatie van productie gekeken. Zo circuleerde er onlangs het gerucht dat ThyssenKrupp contact heeft gezocht met het eveneens Duitse Salzgitter om de mogelijkheden voor een fusie of samenwerking in ander verband te onderzoeken. Dit gerucht is overigens door beide fabrieken niet bevestigd. Toch zal er binnen Europa aan een verdere beperking van productiecapaciteiten niet ontkomen kunnen worden. Mocht de automobielindustrie zich niet herstellen en een verhoging van de economische groei niet plaatsvinden dan zal de verhouding vraag en aanbod nog steeds in disbalans zijn, waardoor de fabrieken op termijn niet in staat zullen zijn hun winstmarges overeind te houden. Een Europese importheffing op staal, zoals we die nu kennen (SafeGuards), kan immers niet blijvend zijn en bovendien staan de staalfabrieken voor de grote uitdaging op termijn fossielvrij te moeten produceren, wat van deze ondernemingen enorme investeringen zal vergen. De effecten van de door de EU onlangs voorgestelde milieumaatregelen, het al dan niet afnemen van spanning bij de bestaande handelsoorlogen en andere politieke conflicten, die effect kunnen hebben op de energieprijzen zullen onder andere medebepalend zijn voor ontwikkeling van de staalprijzen in 2020.