Eén vereniging voor oppervlaktebehandeling vanaf 2014

568

De leden van de VOM hebben ingestemd met de oprichting van een nieuwe vereniging voor Industrieel Oppervlaktebehandelend Nederland. Hierin zullen ook de STANOD (Stichting Anodiseren), de NGO-SBG (Nederlandse Galvano Ondernemingen-Stichting Bevordering Galvanotechniek), de VTO (Vereniging Toeleveranciers Oppervlaktebehandelende industrie) en de VISEM (Vereniging Industriële Spuit- en Moffelbedrijven) participeren.

Tijdens de Algemene Ledenvergadering van de VOM op 6 juni hebben de leden met overgrote meerderheid ingestemd met het voorstel van het VOM-bestuur hiertoe. De andere partijen die in Industrieel Oppervlaktebehandelend Nederland zullen participeren gaven eerder al groen licht om verder te gaan als één gezamenlijke vereniging ter bevordering van de marktpositie en belangenbehartiging van de oppervlaktebehandelende industrie.

Tijdens dezelfde ledenvergadering is ook toestemming gegeven om een interim-bestuur te vormen. Hierin nemen leden van de verschillende partijen zitting. Dit interim-bestuur gaat de nieuwe vereniging verder vorm geven en praktische zaken invullen. Zo moet er een nieuwe naam bedacht worden, nieuwe bestuursleden aangetrokken worden en een plan van aanpak gemaakt worden om 1 januari 2014 operationeel te kunnen zijn.

Binnen de nieuwe vereniging wordt een aantal sectoren gedefinieerd waar gelijksoortige bedrijven bij elkaar zitten. Elke sector krijgt een eigen bestuur waarvan afgevaardigden in het overkoepelende hoofdbestuur plaats zullen nemen. Een bedrijf heeft stemrecht in zijn eigen sector, maar mag ook aansluiten bij activiteiten en werkgroepen van andere sectoren.

Ambitie
De nieuwe vereniging heeft een hoog ambitie niveau en wil de belangenbehartiging voor alle bedrijven goed aanpakken. Eén vereniging voor industrieel oppervlaktebehandelend Nederland is voor de markt duidelijker, beter herkenbaar als dé vereniging voor oppervlaktebehandeling en geeft een betere uitgangspositie om bij overheden en andere organisaties aan de onderhandelingstafel te komen. Daarnaast kunnen de activiteiten worden uitgebreid en gelegenheidswerkgroepen worden gevormd om sectoroverschrijdend zaken aan te pakken.