Metaalunie en FME: innovatie krijgt impuls, maar maakindustrie blijft klem zitten
Het kabinet geeft innovatie en technologische vernieuwing een impuls, maar doet volgens Koninklijke Metaalunie en FME nog te weinig om de concurrentiekracht van de maakindustrie te versterken. Hoge kosten, regeldruk, energieprijzen en het tekort aan technisch personeel blijven grote knelpunten.
Koninklijke Metaalunie vindt dat het kabinet enkele stappen in de goede richting zet rond innovatie en technologische vernieuwing. “Maar voor de MKB-maakindustrie ontbreekt nog steeds een overtuigend groeiperspectief”, zegt Metaalunievoorzitter Mark Helder.
Stappen in de goede richting
In een eerste reactie op de Miljoenennota is Metaalunie positief over de extra aandacht voor innovatie. Zo komt er 333 miljoen euro voor een nieuwe ronde van het Nationaal Groeifonds en wordt de komende vijf jaar 500 miljoen euro uitgetrokken voor het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI). Ook wordt de innovatiebox aantrekkelijker voor het mkb. “Dit zijn stappen in de goede richting, maar de schaal is nog onvoldoende”, zegt Metaalunievoorzitter Mark Helder. “Het gaat erom of een MKB-maakbedrijf er in de praktijk mee verder kan met robotisering, AI, automatisering of nieuwe productietechnologie.”
Groeiperspectief ontbreekt
Volgens Metaalunie ontbreekt nog altijd een overtuigend groeiperspectief voor de MKB-maakindustrie. De terugval van bedrijfsinvesteringen baart zorgen, terwijl ondernemers te maken hebben met hoge loon- en energiekosten, personeelstekorten en toenemende regeldruk. “Voor de MKB-maakindustrie is de grens bereikt”, stelt Helder. “Iedere euro die via hogere lasten uit een mkb-bedrijf wordt gehaald, is niet beschikbaar voor een nieuwe machine, robot, digitalisering of vakman.”
Veel bedrijven zitten klem
Ook FME-voorzitter Theo Henrar ziet een spanningsveld. “Nieuwe investeringen in innovatie zijn hard nodig en daarom welkom. Maar veel bedrijven zitten ondertussen klem door hoge kosten, oplopende lasten en regeldruk.” FME wijst daarnaast op de hoge elektriciteitskosten. De organisatie is teleurgesteld dat de zogenoemde elektriciteitsenvelop voor de basisindustrie volgens de huidige plannen pas vanaf 2028 wordt ingezet. Daardoor blijven Nederlandse bedrijven volgens FME op achterstand ten opzichte van buitenlandse concurrenten.
Techniekonderwijs blijft achter
Beide organisaties benadrukken dat ook het tekort aan technisch personeel de groei van de industrie belemmert. FME mist in de Miljoenennota een duidelijke keuze voor technisch onderwijs. Er komt geen extra geld voor techniekopleidingen, terwijl de behoefte aan technisch geschoolde werknemers groot blijft. Metaalunie pleit ondertussen voor maatregelen die werkgeverschap aantrekkelijker maken. Zo wil de organisatie de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte voor mkb-werkgevers verkorten van twee naar één jaar. Ook moeten lasten en administratieve verplichtingen omlaag.
‘Van analyse naar uitvoering’
De brancheorganisaties willen dat het kabinet snel van plannen naar uitvoering gaat. Bedrijven hebben volgens hen behoefte aan een voorspelbaar ondernemersklimaat waarin zij meerjarig kunnen investeren in machines, mensen, digitalisering en verduurzaming. “De grote knelpunten zijn bekend. Nu zijn concrete oplossingen nodig, met nadrukkelijke aandacht voor het brede mkb”, zegt Helder.
FME roept kabinet, oppositie, werkgevers en vakbonden op opnieuw met elkaar om tafel te gaan. Volgens de organisatie is samenhangend en financieel gedekt beleid nodig om investeringen in innovatie en productie mogelijk te maken. Metaalunie sluit zich daarbij aan en roept het kabinet op te kiezen voor ondernemerskracht: minder lasten en regeldruk, meer voorspelbaarheid en beleid dat het brede mkb daadwerkelijk bereikt.